Apparaten verwijderen

2025-12-19Laatst bijgewerkt

Verwijder een apparaat dat niet langer nodig is of een foutstatus heeft, of verwijder een apparaat om het opnieuw te registreren.

Procedure

  1. Ga naar Configuratie en klik op Apparaten.
  2. Selecteer in de lijstweergave of tegelweergave het apparaat dat u wilt verwijderen.
    TIP:
    Als de lijst met apparaten lang is, kunt u naar een camera zoeken op naam, IP-adres of met behulp van filters.
  1. Klik in de zijbalk Apparaatinformatie op Meer () en klik vervolgens op Verwijderen.
  2. Als u een camera verwijdert, voert u in het dialoogvenster Verwijderen een van de volgende handelingen uit:
    1. Eén camera: klik op Camera verwijderen.
    2. Multisensorcamera: klik op Camera's verwijderen.
      OPMERKING:
      In de taak Configuratie worden multisensorcamera sensoren gegroepeerd in een geconsolideerd apparaatoverzicht. Ongeacht of u één sensor of de hele camera verwijdert, worden alle bijbehorende sensoren ook verwijderd.
  3. Als u een apparaat verwijdert, voert u in het dialoogvenster Verwijderen de naam van het apparaat in en voert u een van de volgende handelingen uit:
    • Genetec Cloudlink™: klik op Verwijderen.
    • Synergis™ Cloud Link: klik op Apparaat verwijderen.
    • Axis Powered by Genetec: klik op Apparaat verwijderen.
    Het apparaat en alle bijbehorende gegevens, inclusief eventuele opnames, worden uit uw systeem verwijderd. Gekoppelde entiteiten, zoals deuren, camera's, enzovoort, worden ook verwijderd.
  4. Als u een Genetec Cloudlink verwijdert die is verbonden met een inbraakpaneel, verwijdert u de Genetec™ Intrusion Bridge die aan de Cloudlink is gekoppeld:
    1. Open op de startpagina in Genetec Configuration Desktop de taak Inbraakdetectie.
    2. Selecteer in de entiteitbrowser de Intrusion Manager en klik op het tabblad Genetec Intrusion Bridge.
    3. Selecteer de Genetec Intrusion Bridge die aan de Cloudlink is gekoppeld en klik op Verwijderen ().
    LET OP!:
    Deze actie kan niet ongedaan worden gemaakt.